Doel van onderzoek
In de eerste week na de geboorte van jullie baby wordt wat bloed afgenomen uit de hiel. Dit bloed wordt onderzocht op 17 zeldzame, maar ernstige aandoeningen. Tijdige opsporing kan zeer ernstige schade aan de lichamelijke en geestelijke ontwikkeling voorkomen of beperken. De aandoeningen zijn niet te genezen maar wel goed te behandelen. Bijvoorbeeld met medicijnen of een dieet.
Op welke aandoeningen wordt het bloed onderzocht?
Het wordt onderzocht op een aandoening van de schildklier, een aandoening van de bijnier, een bloedziekte( sikkelcelziekte) en een aantal stofwisselingsziekten. Wilt je weten om welke aandoeningen het precies gaat? Kijk dan op de website: www.rivm.nl/hielprik.
Erfelijkheid
Als uit de screening blijkt dat je kind een aandoening heeft, betekekent dit meestal dat de ouders drager zijn van die aandoening. Dragers hebben de aandoening zelf niet. Maar dragerschap kan wel gevolgen hebben voor een eventuele volgende zwangerschap.
Als blijkt dat één of beide ouders drager zijn, ontvangt je hierover bericht via de huisarts. Wil je deze informatie niet dan kun je dit doorgeven aan degene die de hielprik uitvoert.
Wat gebeurt er met het hielprikbloed na het onderzoek?
De bloeddruppels worden een jaar bewaarde. Hierna mag het RIVM er nog vier jaar gebruiken voor wetenschappelkijk onderzoek. Heb je hier tegen bezwaar, dan kun je dit ook aangeven aan degene die de hielprik uitvoert.
Privacy
Met de gevens van jullie en van jullie kind wordt zorgvuldig omgegaan ( Wet Bescherming Persoonsgegevens). De gegevens worden uitsluitend gebruikt voor het doel waarvoor deze zijn verwstrekt.
Meer informatie
Meer informatie vindt je op de website van het RIVM: www.rivm.nl/hielprik
Ook kun je hierover ons vragen stellen of je huisarts of aan de medische adviseur van de administratie (0346-550040).